Welkom bij Wim Gribnau & Myrna Bischot

George Gribnau

George GribnauLeeftijd: 59 jaar17871846

Naam
George Gribnau
Voornamen
George
Achternaam
Gribnau
Geboren 24 juni 1787 32 25
Notitie: Zijn geboorteakte is onvindbaar omdat zeer veel, zo niet alle DTB boeken uit Königsberg en omgeving in de oorlog '39-'45 zijn verdwenen of verbrand. Zogeheten 'Kriegsverlust'.
Overlijden van vaderGeorge Gribnau
1813 (Leeftijd 25 jaar)

Burgerlijk huwelijkMarie Anastasie NisolBekijk dit gezin
26 juli 1815 (Leeftijd 28 jaar)
Notitie:

Huwelijk mogelijk in Parijs gesloten. Archieven van Parijs verbrand in 1872. Georg was toen gelegerd in Genevillier net ten westen van Parijs maar is niet in Genevillier gehuwd.

Hannover 38D (huwelijk) nr 1250 blz 76 Hauptstaatsarchiv Hannover te Pattensen DLD.

Notitie:

This is to certify that I have given licence to GEORGE GRIMNAU, born at Koenigberg in the Kingdom Prussia, the 24th June seventeen hundred and eighty seven, by trade a farrier, at present private in the 3rd Regiment of Hussars of the KingsGerman Legion to be married to MARIE ANASTHASIE NISOLNEE natif of Ramegnies, Department of Jemappes in Brabant. After having obtained all possible information’s, I do not believe that there are any reasons whatever for which this marriage could or should not taken place.

Given under my Signature and seal of the Regiment at Genevilliers in France July 13th 1815

                        Xx commanding
                The 3e Regiment of Hussars KGL.

                Married the 26th July 1815
Geboorte van een dochter
#1
Rosalie Anastasie Joseph ‘Rosalie’ Gribnau
5 september 1816 (Leeftijd 29 jaar)
Notitie:

Ad Akte no 84 6

Extrait des registres aux actes de l’Etat Civil de la Commune du Bourg d’Oisy et le Verger, Canton de Marquion, Département de Pas de Calais.

L’an dix-huit cent seize, le cinq Septembre à six heures du soir, parvenant nous, Charles Eugène Leger, Adjoins à la Mairie, faisant la fonction d’Officier de l’Etat Civil du Bourg d’Oisy, Canton de Marquion, Département de Pas de Calais, estcomparu GEORGE GRIMNAU, agé de trente et un ans, soldat au service de sa Majesté Brittannique, cantonné en cette commune, maison Dusieur Dantoine d’Oisy, lequel nous a présenté un enfant du sexe féminin, née le jour d’hier à quatre heures dusoir. De lui déclarant et de dame MARIE ANASTASIE NISOL, son épouse, auquel il a déclaré vouloir donner les prénoms de 

ROSALIE ANASTASIE JOSEPH. Déclaration et présentation faite en présence de Matthieu Magness, agé de quarante-deux ans, et de Joseph Smith, agé de trente-trois ans, tous les deux aussi soldats au service de sa Majesté Britannique cantonnés en cette commune, lesquellesaprès qu’il leur a été fait lecturé de présent acte de naissance, l’ont signé avec nous et le père.

Fait signé GRIMNAU, Joseph Smith, Matthieu Magnes et Leger.

Pour extrait conforme délivré par l’Officier de l’Etat Civil, le dix-huit Septembre mil huit cent seize, témoin

                            J. Delloije, Maire

Arnhem BS 1848 HB akte 48.2

Notitie:

Afschrift van de registers van de aktes van de Burgerstaat van de gemeente van de burcht van Oisy en Le Verger, Canton van Marquion, Departement van Pas de Calais.

In het jaar 1816, de 5e September om zes uur in de avond, bereikbaar voor ons Charles Eugène Leger, aangesteld op het gemeentehuis in de functie van adjudant van de Burgerstaat van Bourg van Oisy, canton van Marquion, Departement van Pas deCalais, is verschenen George Grimnau, oud 31 jaar, soldaat in dienst van zijne Britse Majesteit, ingekwartierd in deze gemeente, ten huize van Dusieur Dantoine d’Oisy, welke ons een kind van de vrouwelijke sekse heeft aangegeven, gisterengeboren om 4 uur in de avond, van hem kwam de verklaring namens mevrouw Marie Anastasie Nisol, zijn echtgenote, aan wie hij verklaarde de voornamen te willen geven Rosalie Anastasie Joseph. Verklaring en presentatie werden geboekt in tegenwoordigheid van Mattthieu Magness, 42 jaar oud en van Joseph Smith, 33 jaar oud, beiden ook soldaten in dienst van zijne Britse Majesteit, gelegerd in deze gemeente, welke nadat de voorliggendegeboorte akte was geboekt en voorgelezen, deze hebben getekend met ons en de vader

Geboorte van een dochter
#2
Fortunée Gribnau
1 juni 1819 (Leeftijd 31 jaar)
Notitie:

Acte de Naissance

Aux mil huit cent dix-neuf, le deux du mois de Juin, vers les dix heures du matin, parvenant nous maijeur et officier de l'Etat Civil de la Commune de Rameignies Province Hainaut district d'Ath, est comparu GEORGE GRIMENAZE (GRIMENAU), marechal,agé de trent quatre ans, lequel nous a présenté un enfant du sexe feminin, née le premier de Juin vers deux heures après midi, de lui declarant le nom de sa femme ANASTASIE NISOL, agée de vingt quatre ans, et à laquel il a déclaré vouloir luidonner le nom de FORTUNÉE GRIMENAZE. Cet dite declaration faites en presence de Philippe Dufief de cette commune, cultivateur, agé de soixante trois ans premier témoin, et Alexandre Joseph Raguet aussi de cette Commune, maçon, agé de soixante deux ans second témoin, et ont le pèreet témoins signés avec nous le present acte de naissance après que letture leur on a été faite.

Gribnau, P. Dufief, A.J. Reguet

Archief Beloeil (B)

Notitie:

In het jaar 1819, de 2e van de maand Juni omstreeks 10 uur in de ochtend, bereikte mij burgemeester en officier van de Burgerstaat van de gemeente Rameignies, Provincie Henegouwen, District Ath, is verschenen George Grmenaze, hoefsmid, 34 jaaroud, dewelke ons heeft aangegeven een kind van het vrouwelijk geslacht, geboren de 1e Juni omtrent twee uur in de middag, aan wie hij verklaarde de naam Fortumée Grimenaze te willen geven. Deze aangifte gebeurde in aanwezigheid van Philippe Dufief uit deze gemeente, landbouwer, 63 jaar oud, eerste getuige en Alexander Joseph Raguet ook uit deze gemeente, metselaar, 62 jaar oud, tweede getuige, en hebben de vader en de getuigen metons de voorliggende geboorte akte getekend na deze te hebben voorgelezen en geboekt.

Gribnau, P. Dufief. A.J. Reguet

Overlijden van een dochterFortunée Gribnau
voor 1821 (Leeftijd 33 jaar)

Geboorte van een dochter
#3
Anna Catharina ‘Anna’ Gribnau
7 februari 1823 (Leeftijd 35 jaar)
Notitie:

In haar geboorteakte staat ze genoemd als Anne Catharine Grimnaze. Deze is opgemaakt in afwezigheid van haar vader. Dit hebben haar moeder Marie Anastasie Nisol en zijzelf officieel laten corrigeren en dit is als bijlage bij de huwelijksakte gevoegd.

Notitie:

Acte de naissance

Aujourd'hui huit du mois de Fevrié mil huit cent vingt trois à neuf heures du matin devant moi Echedin remplassant la fonction d'officier de l'Etat Civil de la Commune de Rameignies Canton de Quevaucamps, Province de Hainaut district d'Ath, estcomparu NISOL JEAN agé de soisante cinq ans demeurant en cette Commune, lequel était attesté de deux témoins, le premier Ducorron Antoine, cultivateur, agé de trente ans demeurant en cette dite Commune, le second Lebailly Pierre Joseph,cultivateur agé de vingt huit ans demeurant aussi dans cette dit Commune, lequel m'a declaré que NISOL ANASTASIE, sa fille, et épousé de GRIMNAZE GEORGE, est accouchéle sept du present mois de fevrier à sept heures du matin, d'un enfant femellequ'il m'a presenté, auquel il a donné les nom et prénommes de GRIMNAZE, ANNE CATHERINE, d'après cette declaration et présentation sur la requisition à nous fait par le dit Nisol Jean, grand'père de l'enfant, j'ai écrit le présent acte que NisolJean et les deux témoins ci-dessous prénommés ont signé avec moi, après que letture leur a été fait. J.J.Nisol A.Ducorron P.J.Lebailly

Pour copie conforme, Beloeil (La Belgique)

Notitie:

Geboorte akte

Heden de 8e van de maand februari 1823 om 8 uur in de morgen, is verschenen voor mij, Echedin in de functie van ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente Rameignies in het canton van Quevaucamps, provincie Henegouwen district van Ath,Jean Nisol, oud 65 jaar en wonende in deze gemeente, welke tot getuigen twee personen heeft opgeroepen, de eerste Ducorron Antoine, landbouwer, 30 jaar oud en wonende in voornoemde gemeente, de tweede Lebailly Pierre Joseph, landbouwer, 28 jaaroud eveneens wonend in voornoemde gemeente, heeft hij mij verklaard dat Nisol Anastasie, zijn dochter en gehuwd met Grimnaze George, is bevallen op de 7e van deze maand februari om 7 uur in de ochtend van een kind van het vrouwelijk geslachtwaarvan hij de aangifte heeft gedaan en waaraan hij de naam en voornamen heeft gegeven van Grimnaze, Anne Catherine. Volgens deze verklaring is aangifte gedaan, op verzoek van voornoemde Nisol Jean, grootvader van het kind heb ik de huidige acte geschreven die Nisol Jean en de twee getuigen hierboven genoemd met mij hebben getekend, nadat deze aan hen wasvoorgelezen en geboekt.

Geboorte van een zoon
#4
Joannes ‘Jan’ Gribnau
27 november 1827 (Leeftijd 40 jaar)
Overlijden van moederMaria Schmidt
1829 (Leeftijd 41 jaar)

Geboorte van een zoon
#5
Jacob Gribnau
4 juli 1832 (Leeftijd 45 jaar)
Overlijden van een zoonJacob Gribnau
juli 1832 (Leeftijd 45 jaar)
Geboorte van een zoon
#6
François George Willem Gribnau
16 juni 1835 (Leeftijd 47 jaar)
Notitie: Gelders Archief BS Geboorten akte 246
Overlijden van een zoonFrançois George Willem Gribnau
rond 1836 (Leeftijd 48 jaar)

Geboorte van een dochter
#7
Louisa Eugenie Gribnau
24 september 1838 (Leeftijd 51 jaar)
Notitie: Gelders Archief BS geboorte akte 453
Overlijden van een dochterLouisa Eugenie Gribnau
26 februari 1841 (Leeftijd 53 jaar)
Beroep
Huzaar en Hoefsmid

Notitie:

Huzaar en hoefsmid bij het Pruissische (1806) Franse (1806-1808) Engelse (1808-1815) en Nederlandse leger (1822-1840). Nam deel als Engels huzaar in het KGL (Kings German Army) aan de slag bij Waterloo. Signalement: aangezicht en voorhoofd rond, ogen grijs, neus en mond ordinair, kin klein, haar en wenkbrauwen blond. Lengte 5 feed en 11 inches dat is in meters: 1.80 meter

Gebeurtenis
Legereenheid in Oisy le Verger (Fr) 1816, geboorte Rosalie 5 september 1816 aldaar

Notitie:

Oisy le Verger 1816

Historische gegevens gevonden 20 juli 1978. Handschrift van de onderwijzer van het dorp.

Oisy le Verger Arrondissement Pas de Calais.

16 juni 1816 Petitie van de Dhr Plotho betreffende het kasteel van Oisy. “Op de 31e januari j.l. tegen 10 uur ’s morgens kwamen 4 brigades van het KGL onder leiding van de heer John Cooper, commanant, aan te Oisy. Eén van de brigades legerde zich te Pallail, een ander te Sauchy-Listré en twee bleven er in Oisy. Deofficieren vroegen zoveel mogelijk paarden bijeen te brengen zodat de verzorging dan gemakkelijker zou zijn. De heer Boucher, toen burgemeester, bracht de officieren in het kasteel van Oisy door de kleine toegangspoort die open was. Hij liet hen de stallen zien en de andere beschikbare gebouwen die goed werden bevonden om de paarden in te stallen. De burgemeester nodigde de heer Guarré, belastingontvanger van Ridder de Plotho, de grote poort van het kasteel te openen om de wagens binnen te laten en om wat vlasstro, dat in de stallen lag, weg te halen om zo plaats te maken voor de paarden. De heer Guarré antwoordde de burgemeester schriftelijk dat deze dat moest vragen aan heer de Plotho te Parijs. Hij gaf de straat en het nummer erbij. De burgemeester antwoordde dat er geen reden voor was om te talmen en raadde hem aan gevolg te geven aan zijn uitnodiging. De wacht bracht het mondelinge antwoord van de heer Guarré terug, dat indien de burgemeester de machtiging had om overparticulier bezit te kunnen beschikken, hij deze zou moeten eerbiedigen. De burgemeester stuurde de veldwachter om de sleutel bij de conciërge te halen. Deze zei echter deze sleutel niet te hebben. Al deze vertragingen irriteerden de soldaten die vermoeid waren en al anderhalf uur hadden moeten wachten. Ze opperdende vergrendeling zelf kapot te maken om vervolgens naar binnen te kunnen gaan. Maar de burgemeester zei hen dat hij zelf wel de sleutel zou gaan halen. Hij ging er inderdaad heen, maar hij kreeg als antwoord dat de sleutel er niet was. Hij zeitoen tegen de dochter van de conciërge, dat wanneer ze hem zou weigeren de sleutel te geven, zij er verantwoordelijk voor zou zijn dat de vergrendeling verbroken zou worden, en hij vertrok. Daar verscheidene ongeduldige soldaten de burgemeester hadden gevolgd, gingen deze nu snel naar de anderen en brachten daar hun woede over. Vervolgens kwam de dochter van de conciërge die helemaal overstuur was geraakt met de sleutel aanrennen.Maar het was al te laat. Alle bewoners zijn hiervan op de hoogte. Zou men niet geneigd zijn geweest, na dit voorval, aan de heer de Plotho te vragen of het soms ook een order was geweest de poort te forceren? Maar laten we verder gaan. ’s Nachts was het erg koud geweest en etenswaren ontbraken. De soldaten die de oude brasserie (hier waarschijnlijk brouwerij) hadden bekeken en die dicht bleek, braken ’s middags 1 februari de deur open. Tegen 5 of 6 uur en met ontstoken kaarskwam één van de wachters rapport uitbrengen over het feit dat de oude brasserie opengebroken was, dat er minstens 800 takkenbossen smeulden en dat de soldaten doende waren ze te verbranden. Er werd proces verbaal gemaakt, 2 rapporten opgestelden de volgende morgen zijn de burgemeester met zijn griffier en de veldwachter naar de plaats des onheils gegaan, hebben er de bundels geteld en vonden er nog 828, buiten de bossen die in de petitie genoemd werden. De burgemeester heeft het nodig gevonden de takkenbossen in een schuur te plaatsen, die door de gemeente gehuurd was, teneinde ze voor roverij te behoeden, evenals de stukken hout. Intussen zei de heer Guarré, die teruggekomen was van de Ridderde Plotho, dat er nog maar 550 bundels over waren en dat de burgemeester dus de ontbrekende bundels zou moeten betalen plus de al verbrandde bossen. De heer de Plotho bracht ook nog te berde dat de burgemeester ook de order had gegeven de klein toegangspoort te forceren om zo van de binnenplaats een legerkamp te maken en dat de burgemeester ook de conciërge bevolen had de sleutel te geven enna diens weigering, wat later bekend was, de soldaten de grote poort liet openbreken. Er werd ook nog gezegd dat de burgemeester voor de verwarming had moeten zorgen van de wachters (van het kasteel) en dat hij om daar aan te voldoen, slechts een beroep had hoeven doen op de Prefect. Na al deze beschuldigingen, besloot de raad, die persoonlijk geconsulteerd was, dat er geen reden voor was op het verzoek van het opstellen van een petitie in te gaan.

19 juli 1816 De soldaten buiten dienst en met verlof, die deel uitmaakten van de bemanning van het KGL, die hier gelegerd en verborgen zijn gehouden, moeten Oisy verlaten.

Proclamatie van 24 augustus 1816. De burgemeester van Oisy le Verger maakt bekend;

Aan de inwoners van deze gemeente wordt bekendgemaakt dat er morgen, 25 augustus de naamdag van Sint Louis, beschermheilige van onze goede koning Louis le Désiré, feest zal zijn met alle ceremoniën die onder deze omstandigheden toelaatbaar zijn. De burgemeester wil op deze manier samen met zijn ambtenaren zijn respect betuigen en zijn liefde en toewijding, die ze aan de vader van alle Fransen toedragen. Maar bekend zijnde met regelgeving, door de Prefect van Pas de Calais preciesvastgesteld, om de kosten van het feest ter ere van de koning te drukken, omdat de gemeentekas, die zich in een erbarmelijke staat bevindt, dat moet betalen, heeft hij geweigerd de volgende regels te moeten opstellen: 1e Een plechtig feest te houden voor de officieren met alle waardigheid die hen toekomt. 2e De leden van de Broederschap van St.Sébastian uit te nodigen om met alle middelen bij te dragen het feest mooier te maken door met zoveel mogelijk mensen ’s middags een mis te vieren in het huis Gods. 3e Direct na de Vesper en na het Te deum, begint op la Place Verte het dansen. De burgemeester verzoekt dringend dat de jeugd van beiderlei sekse en van alle rangen en standen zich zal verenigen om dan zonder enige vorm van onderscheid te zullendansen en feest te vieren en op dit gedenkwaardige feest te bewijzen dat iedereen met vreugd de wet kan gehoorzamen als wel zijn liefde en respect kan betuigen aan koning Louis als aan God……ons gegeven door de Goddelijke Voorzienigheid. Men moet zich ervan bewust zijn dat de Fransen tot in der eeuwigheid hun hart en hun geest kunnen beheersen.

Leve Louis le Désiré, leve de koning, leve de burgers.

Gegeven op het gemeentehuis van Oisy den 24e augustus 1816.

De Moije, burgemeester

Gebeurtenis

Notitie:

Levensloop. Levensloop van George Gribnau. Königsberg 1787 - †Arnhem 1846 1787 24 Juni. Geboren te Königsberg. Doopakte nooit gevonden in diverse Ev. Luth. Kerken van Königsberg. Zoon van George Gribnau (Grübnau, Griebenau), hoefsmid en Maria Smidt. Hij kon lezen en schrijven, opgeleid tot hoefsmid (door zijn vader?). 1806 In dienst bij de Pruisische artillerie, na de slag bij Jena in Franse dienst gekomen. De stamrollen van het Pruisische leger zijn verloren gegaan. "kriegsverlust" In 1807 in Franse dienst naar Portugal, 30/11/1807 aankomst in Lissabon. Nogonbekend in welk legeronderdeel hij daar diende. Waarschijnlijk in het 8e corps Dragonders. In 1808 als huzaar in Franse dienst gevangen genomen door de Engelsen (het hele Duitse bataljon liep over, de koning van Engeland was ook de koning van Hannover) In 1808 op 15 oktober gevangene van het KGL en verscheept naar Engeland. Op 22 december 1808 in Depot KGL te Lymington. Hij was 1.80 lang, had blond haar, blauwe ogen en was als smid sterk gebouwd. Op 10 April 1809 ingeschreven als huzaar en hoefsmid in het register van het KGL bij het 3e Regiment Huzaren 2e Troep. Beschrijvingen van zijn paarden. Heeft in Engeland gedurende 4 jaar vele plaatsen gezien. George werd in de stamboekenconsequent als GRIMNAU aangeduid. 25 februari 1812 transfer van 2e Troep naar 1e Troep van het 3e Huzarenregiment KGL 8 augustus 1813 aankomst te Wismar. Veldslagen (Göhrde) tegen Napoleon. 1 maart 1814 aankomst te Antwerpen 31 maart 1814 Parijs ingenomen door geallieerden. Oktober en november 1814 verblijf te Brussel. Leerde zijn meisje kennen, ontsnapte daarom meermaals uit de kazerne en kreeg 48 uur strafexercitie (4 okt), 42 uur kwijtgescholden. 18 juni 1815 deelname aan de slag bij Waterloo als huzaar bij het 3e Huzarenregiment van het KGL onder Maarschalk Wellington. Op 23 juli 1815 een geschreven attestatie van zijn commandant in Genevilliers (in de volgende bocht van de Seine gelegen na Parijs) dat George (28) mocht trouwen met Maria Anastasie NISOL (18 jr), geboren te Rameignies in België. Gehuwd op 26juli 1815. Zij was analfabeet. Niet vermeld wordt wààr het huwelijk is voltrokken. Zeer waarschijnlijk in Parijs, maar in Parijs is in 1870 het stadsarchief verbrand. 14 februari 1816 te Nordheim bij Hannover werd het Korps KGL opgeheven, George kreeg "paspoort" (ontslag). 4 sept. 1816 geboorte oudste dochter Rosalie te Oisy le Verger met een KGL onderdeel in Noord Frankrijk. Hij tekent de akte met GRIMNAU, zoals hij steeds werd genoemd. 1816-22 Woonachtig als hoefsmid te Rameignies in Wallonië, het dorpje van zijn vrouw. 11 mei 1822 als remplaçant in het Zuid Nederlandse leger voor François Brifflot te Maçon. 27 juni 1822 overgeplaatst naar het Noord Nederlandse leger te Zutphen, corps Kurassiers 10 jan 1825 benoeming tot hoefsmid bij de huzaren. 27 november 1827 geboorte zoon JOHANNES te Zutphen. RK gedoopt in de Janskerk. 1827 Woonachtig te Arnhem aan Beekstraat en later aan de Hommelse weg (bij mestvaalten). 1832-33 Gelegerd in de vesting Maastricht wegens de Belgische Opstand met zijn gezin. Daar wordt een zoon Jacob op 4 juli 1835 geboren. Jacob heeft maar kort geleefd. 12 maart 1833 Onderscheiden met IJzeren Medaille vanwege deelname 10 daagse veldtocht. 1 mei 1838 met pensioen gegaan 29 juli 1846 overleden te Arnhem aan de Hommelse Weg in de huizen tegenover de huidige Nijhoffstraat. Op 30 juli begraven op de Koehoornbegraafplaats (staat nu Hotel Haarhuis) door een Ev. Luth Diaken. In het Arnhemse GA is uit het begrafenisregister van de Lutherse Kerk van 1846 deze pagina verdwenen. Kennelijk is alle informatie over George gedoemd te verdwijnen.

Overleden 29 juli 1846 (Leeftijd 59 jaar)
Begraven 31 juli 1846 (2 dagen na overlijden)
Notitie:

Begraafplaats: Coehoorn, juist buiten de stadswal. Op deze locatie staat nu het hotel Haarhuis tegenover het station. Hij is door een Evangelisch Lutherische Pastor begraven. In het begrafenisregister van deze kerk ontbreekt uitgerekend het jaar 1846.

Referentienummer
2-1

Record-ID-nummer
376

Uniek identificatienummer
21B9FC9533591244B595EFCB9388C0C45EDB

Laatste wijziging 3 februari 201812:52:40

Laatst gewijzigd door: Wim Gribnau
Gezin met ouders - Bekijk dit gezin
vader
moeder
Huwelijk:
hij zelf
Gezin van moeder met Michael Linnäus - Bekijk dit gezin
stiefvader
moeder
Huwelijk:
Gezin met Marie Anastasie Nisol - Bekijk dit gezin
hij zelf
echtgenote
Huwelijk: 26 juli 1815Frankrijk
13 maanden
dochter
3 jaar
dochter
4 jaar
dochter
5 jaar
zoon
5 jaar
zoon
Jacob Gribnau
Geboren: 4 juli 1832 45 35Maastricht, Limburg, Nederland
Overleden: juli 1832Maastricht, Limburg, Nederland
3 jaar
zoon
3 jaar
dochter
Louisa Eugenie Gribnau
Geboren: 24 september 1838 51 41Arnhem, Gelderland, Nederland
Overleden: 26 februari 1841Arnhem, Gelderland, Nederland

Media objectGeorge GribnauGeorge Gribnau
Formaat: image/jpeg
Afmetingen afbeelding: 250 × 314 pixels
Bestandsgrootte: 15 KB
Soort: Foto
Gemarkeerde afbeelding: ja
Media objectGeorge GribnauGeorge Gribnau
Formaat: image/jpeg
Afmetingen afbeelding: 656 × 1.024 pixels
Bestandsgrootte: 543 KB
Soort: Foto
Media objectGeorge GribnauGeorge Gribnau
Formaat: image/jpeg
Afmetingen afbeelding: 648 × 1.024 pixels
Bestandsgrootte: 486 KB
Soort: Foto
Media objectGeorge GribnauGeorge Gribnau
Formaat: image/jpeg
Afmetingen afbeelding: 1.840 × 1.409 pixels
Bestandsgrootte: 174 KB
Soort: Foto
Media objectHuwelijk George Gribnau en Marie NisolHuwelijk George Gribnau en Marie Nisol
Formaat: image/jpeg
Afmetingen afbeelding: 1.284 × 2.106 pixels
Bestandsgrootte: 215 KB
Soort: Foto
Gemarkeerde afbeelding: ja
Geboren

Zijn geboorteakte is onvindbaar omdat zeer veel, zo niet alle DTB boeken uit Königsberg en omgeving in de oorlog '39-'45 zijn verdwenen of verbrand. Zogeheten 'Kriegsverlust'.

Huwelijk

Huwelijk mogelijk in Parijs gesloten. Archieven van Parijs verbrand in 1872. Georg was toen gelegerd in Genevillier net ten westen van Parijs maar is niet in Genevillier gehuwd.

Hannover 38D (huwelijk) nr 1250 blz 76 Hauptstaatsarchiv Hannover te Pattensen DLD.

Huwelijk

This is to certify that I have given licence to GEORGE GRIMNAU, born at Koenigberg in the Kingdom Prussia, the 24th June seventeen hundred and eighty seven, by trade a farrier, at present private in the 3rd Regiment of Hussars of the KingsGerman Legion to be married to MARIE ANASTHASIE NISOLNEE natif of Ramegnies, Department of Jemappes in Brabant. After having obtained all possible information’s, I do not believe that there are any reasons whatever for which this marriage could or should not taken place.

Given under my Signature and seal of the Regiment at Genevilliers in France July 13th 1815

                        Xx commanding
                The 3e Regiment of Hussars KGL.

                Married the 26th July 1815
Beroep

Huzaar en hoefsmid bij het Pruissische (1806) Franse (1806-1808) Engelse (1808-1815) en Nederlandse leger (1822-1840). Nam deel als Engels huzaar in het KGL (Kings German Army) aan de slag bij Waterloo. Signalement: aangezicht en voorhoofd rond, ogen grijs, neus en mond ordinair, kin klein, haar en wenkbrauwen blond. Lengte 5 feed en 11 inches dat is in meters: 1.80 meter

Gebeurtenis

Oisy le Verger 1816

Historische gegevens gevonden 20 juli 1978. Handschrift van de onderwijzer van het dorp.

Oisy le Verger Arrondissement Pas de Calais.

16 juni 1816 Petitie van de Dhr Plotho betreffende het kasteel van Oisy. “Op de 31e januari j.l. tegen 10 uur ’s morgens kwamen 4 brigades van het KGL onder leiding van de heer John Cooper, commanant, aan te Oisy. Eén van de brigades legerde zich te Pallail, een ander te Sauchy-Listré en twee bleven er in Oisy. Deofficieren vroegen zoveel mogelijk paarden bijeen te brengen zodat de verzorging dan gemakkelijker zou zijn. De heer Boucher, toen burgemeester, bracht de officieren in het kasteel van Oisy door de kleine toegangspoort die open was. Hij liet hen de stallen zien en de andere beschikbare gebouwen die goed werden bevonden om de paarden in te stallen. De burgemeester nodigde de heer Guarré, belastingontvanger van Ridder de Plotho, de grote poort van het kasteel te openen om de wagens binnen te laten en om wat vlasstro, dat in de stallen lag, weg te halen om zo plaats te maken voor de paarden. De heer Guarré antwoordde de burgemeester schriftelijk dat deze dat moest vragen aan heer de Plotho te Parijs. Hij gaf de straat en het nummer erbij. De burgemeester antwoordde dat er geen reden voor was om te talmen en raadde hem aan gevolg te geven aan zijn uitnodiging. De wacht bracht het mondelinge antwoord van de heer Guarré terug, dat indien de burgemeester de machtiging had om overparticulier bezit te kunnen beschikken, hij deze zou moeten eerbiedigen. De burgemeester stuurde de veldwachter om de sleutel bij de conciërge te halen. Deze zei echter deze sleutel niet te hebben. Al deze vertragingen irriteerden de soldaten die vermoeid waren en al anderhalf uur hadden moeten wachten. Ze opperdende vergrendeling zelf kapot te maken om vervolgens naar binnen te kunnen gaan. Maar de burgemeester zei hen dat hij zelf wel de sleutel zou gaan halen. Hij ging er inderdaad heen, maar hij kreeg als antwoord dat de sleutel er niet was. Hij zeitoen tegen de dochter van de conciërge, dat wanneer ze hem zou weigeren de sleutel te geven, zij er verantwoordelijk voor zou zijn dat de vergrendeling verbroken zou worden, en hij vertrok. Daar verscheidene ongeduldige soldaten de burgemeester hadden gevolgd, gingen deze nu snel naar de anderen en brachten daar hun woede over. Vervolgens kwam de dochter van de conciërge die helemaal overstuur was geraakt met de sleutel aanrennen.Maar het was al te laat. Alle bewoners zijn hiervan op de hoogte. Zou men niet geneigd zijn geweest, na dit voorval, aan de heer de Plotho te vragen of het soms ook een order was geweest de poort te forceren? Maar laten we verder gaan. ’s Nachts was het erg koud geweest en etenswaren ontbraken. De soldaten die de oude brasserie (hier waarschijnlijk brouwerij) hadden bekeken en die dicht bleek, braken ’s middags 1 februari de deur open. Tegen 5 of 6 uur en met ontstoken kaarskwam één van de wachters rapport uitbrengen over het feit dat de oude brasserie opengebroken was, dat er minstens 800 takkenbossen smeulden en dat de soldaten doende waren ze te verbranden. Er werd proces verbaal gemaakt, 2 rapporten opgestelden de volgende morgen zijn de burgemeester met zijn griffier en de veldwachter naar de plaats des onheils gegaan, hebben er de bundels geteld en vonden er nog 828, buiten de bossen die in de petitie genoemd werden. De burgemeester heeft het nodig gevonden de takkenbossen in een schuur te plaatsen, die door de gemeente gehuurd was, teneinde ze voor roverij te behoeden, evenals de stukken hout. Intussen zei de heer Guarré, die teruggekomen was van de Ridderde Plotho, dat er nog maar 550 bundels over waren en dat de burgemeester dus de ontbrekende bundels zou moeten betalen plus de al verbrandde bossen. De heer de Plotho bracht ook nog te berde dat de burgemeester ook de order had gegeven de klein toegangspoort te forceren om zo van de binnenplaats een legerkamp te maken en dat de burgemeester ook de conciërge bevolen had de sleutel te geven enna diens weigering, wat later bekend was, de soldaten de grote poort liet openbreken. Er werd ook nog gezegd dat de burgemeester voor de verwarming had moeten zorgen van de wachters (van het kasteel) en dat hij om daar aan te voldoen, slechts een beroep had hoeven doen op de Prefect. Na al deze beschuldigingen, besloot de raad, die persoonlijk geconsulteerd was, dat er geen reden voor was op het verzoek van het opstellen van een petitie in te gaan.

19 juli 1816 De soldaten buiten dienst en met verlof, die deel uitmaakten van de bemanning van het KGL, die hier gelegerd en verborgen zijn gehouden, moeten Oisy verlaten.

Proclamatie van 24 augustus 1816. De burgemeester van Oisy le Verger maakt bekend;

Aan de inwoners van deze gemeente wordt bekendgemaakt dat er morgen, 25 augustus de naamdag van Sint Louis, beschermheilige van onze goede koning Louis le Désiré, feest zal zijn met alle ceremoniën die onder deze omstandigheden toelaatbaar zijn. De burgemeester wil op deze manier samen met zijn ambtenaren zijn respect betuigen en zijn liefde en toewijding, die ze aan de vader van alle Fransen toedragen. Maar bekend zijnde met regelgeving, door de Prefect van Pas de Calais preciesvastgesteld, om de kosten van het feest ter ere van de koning te drukken, omdat de gemeentekas, die zich in een erbarmelijke staat bevindt, dat moet betalen, heeft hij geweigerd de volgende regels te moeten opstellen: 1e Een plechtig feest te houden voor de officieren met alle waardigheid die hen toekomt. 2e De leden van de Broederschap van St.Sébastian uit te nodigen om met alle middelen bij te dragen het feest mooier te maken door met zoveel mogelijk mensen ’s middags een mis te vieren in het huis Gods. 3e Direct na de Vesper en na het Te deum, begint op la Place Verte het dansen. De burgemeester verzoekt dringend dat de jeugd van beiderlei sekse en van alle rangen en standen zich zal verenigen om dan zonder enige vorm van onderscheid te zullendansen en feest te vieren en op dit gedenkwaardige feest te bewijzen dat iedereen met vreugd de wet kan gehoorzamen als wel zijn liefde en respect kan betuigen aan koning Louis als aan God……ons gegeven door de Goddelijke Voorzienigheid. Men moet zich ervan bewust zijn dat de Fransen tot in der eeuwigheid hun hart en hun geest kunnen beheersen.

Leve Louis le Désiré, leve de koning, leve de burgers.

Gegeven op het gemeentehuis van Oisy den 24e augustus 1816.

De Moije, burgemeester

Gebeurtenis

Levensloop. Levensloop van George Gribnau. Königsberg 1787 - †Arnhem 1846 1787 24 Juni. Geboren te Königsberg. Doopakte nooit gevonden in diverse Ev. Luth. Kerken van Königsberg. Zoon van George Gribnau (Grübnau, Griebenau), hoefsmid en Maria Smidt. Hij kon lezen en schrijven, opgeleid tot hoefsmid (door zijn vader?). 1806 In dienst bij de Pruisische artillerie, na de slag bij Jena in Franse dienst gekomen. De stamrollen van het Pruisische leger zijn verloren gegaan. "kriegsverlust" In 1807 in Franse dienst naar Portugal, 30/11/1807 aankomst in Lissabon. Nogonbekend in welk legeronderdeel hij daar diende. Waarschijnlijk in het 8e corps Dragonders. In 1808 als huzaar in Franse dienst gevangen genomen door de Engelsen (het hele Duitse bataljon liep over, de koning van Engeland was ook de koning van Hannover) In 1808 op 15 oktober gevangene van het KGL en verscheept naar Engeland. Op 22 december 1808 in Depot KGL te Lymington. Hij was 1.80 lang, had blond haar, blauwe ogen en was als smid sterk gebouwd. Op 10 April 1809 ingeschreven als huzaar en hoefsmid in het register van het KGL bij het 3e Regiment Huzaren 2e Troep. Beschrijvingen van zijn paarden. Heeft in Engeland gedurende 4 jaar vele plaatsen gezien. George werd in de stamboekenconsequent als GRIMNAU aangeduid. 25 februari 1812 transfer van 2e Troep naar 1e Troep van het 3e Huzarenregiment KGL 8 augustus 1813 aankomst te Wismar. Veldslagen (Göhrde) tegen Napoleon. 1 maart 1814 aankomst te Antwerpen 31 maart 1814 Parijs ingenomen door geallieerden. Oktober en november 1814 verblijf te Brussel. Leerde zijn meisje kennen, ontsnapte daarom meermaals uit de kazerne en kreeg 48 uur strafexercitie (4 okt), 42 uur kwijtgescholden. 18 juni 1815 deelname aan de slag bij Waterloo als huzaar bij het 3e Huzarenregiment van het KGL onder Maarschalk Wellington. Op 23 juli 1815 een geschreven attestatie van zijn commandant in Genevilliers (in de volgende bocht van de Seine gelegen na Parijs) dat George (28) mocht trouwen met Maria Anastasie NISOL (18 jr), geboren te Rameignies in België. Gehuwd op 26juli 1815. Zij was analfabeet. Niet vermeld wordt wààr het huwelijk is voltrokken. Zeer waarschijnlijk in Parijs, maar in Parijs is in 1870 het stadsarchief verbrand. 14 februari 1816 te Nordheim bij Hannover werd het Korps KGL opgeheven, George kreeg "paspoort" (ontslag). 4 sept. 1816 geboorte oudste dochter Rosalie te Oisy le Verger met een KGL onderdeel in Noord Frankrijk. Hij tekent de akte met GRIMNAU, zoals hij steeds werd genoemd. 1816-22 Woonachtig als hoefsmid te Rameignies in Wallonië, het dorpje van zijn vrouw. 11 mei 1822 als remplaçant in het Zuid Nederlandse leger voor François Brifflot te Maçon. 27 juni 1822 overgeplaatst naar het Noord Nederlandse leger te Zutphen, corps Kurassiers 10 jan 1825 benoeming tot hoefsmid bij de huzaren. 27 november 1827 geboorte zoon JOHANNES te Zutphen. RK gedoopt in de Janskerk. 1827 Woonachtig te Arnhem aan Beekstraat en later aan de Hommelse weg (bij mestvaalten). 1832-33 Gelegerd in de vesting Maastricht wegens de Belgische Opstand met zijn gezin. Daar wordt een zoon Jacob op 4 juli 1835 geboren. Jacob heeft maar kort geleefd. 12 maart 1833 Onderscheiden met IJzeren Medaille vanwege deelname 10 daagse veldtocht. 1 mei 1838 met pensioen gegaan 29 juli 1846 overleden te Arnhem aan de Hommelse Weg in de huizen tegenover de huidige Nijhoffstraat. Op 30 juli begraven op de Koehoornbegraafplaats (staat nu Hotel Haarhuis) door een Ev. Luth Diaken. In het Arnhemse GA is uit het begrafenisregister van de Lutherse Kerk van 1846 deze pagina verdwenen. Kennelijk is alle informatie over George gedoemd te verdwijnen.

Begraven

Begraafplaats: Coehoorn, juist buiten de stadswal. Op deze locatie staat nu het hotel Haarhuis tegenover het station. Hij is door een Evangelisch Lutherische Pastor begraven. In het begrafenisregister van deze kerk ontbreekt uitgerekend het jaar 1846.

Notitie

George Gribnau: http://www.gribnau.org/Info/S1_GeorgeGribnau.htm Levensloop George Gribnau: http://www.gribnau.org/Info/S1_Levensloop.htm Zuid Nederlandse Korps: http://www.gribnau.org/Info/S1_ZuidNederlands.htm Speurtochten en resultaten: http://www.gribnau.org/Info/S1_Speurtochten.htm Koninklijk Germaans Leger: http://www.gribnau.org/Info/S1_KGL.htm Slag bij de Görde: http://www.gribnau.org/Info/S1_Gorde.htm Slag bij Waterloo: http://www.gribnau.org/Info/S1_Waterloo.htm Weer bij het K.G.L.: http://www.gribnau.org/Info/S1_WeerKGL.htm Huwelijk met Marie Anasthasie Nisol: http://www.gribnau.org/Info/S1_Huwelijk.htm Vestiging in Nederland: http://www.gribnau.org/Info/S1_Vestiging.htm

  1. Generatie 1
    1. George Gribnau

      George Gribnau, huzaar en Hoefsmid, zoon van George Gribnau en Maria Schmidt, werd geboren op 24 juni 1787 in Königsberg, Ostpreussen, Duitsland en overleed op 29 juli 1846 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 59 jaar-jarige leeftijd. Hij trouwde met Marie Anastasie Nisol, dochter van Jean Joseph Nisol en Constance Cuvelier, op 26 juli 1815 in Frankrijk. Zij werd geboren in 1797 in Rameignies, Hainaut, België en overleed op 1 december 1859 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 62 jaar-jarige leeftijd.

      Kinderen van George Gribnau en Marie Anastasie Nisol:

      1. Rosalie Anastasie Joseph ‘Rosalie’ Gribnau (18161887)
      2. Fortunée Gribnau (18191821)
      3. Anna Catharina ‘Anna’ Gribnau (18231880)
      4. Joannes ‘Jan’ Gribnau (18271881)
      5. Jacob Gribnau (18321832)
      6. François George Willem Gribnau (18351836)
      7. Louisa Eugenie Gribnau (18381841)
  2. Generatie 2
    1. Rosalie Anastasie Joseph ‘Rosalie’ Gribnau, naaister, dochter van George Gribnau en Marie Anastasie Nisol, werd geboren op 5 september 1816 in Oisy le Verger, Hauts-de-France, Frankrijk en overleed op 16 mei 1887 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 70 jaar-jarige leeftijd. Zij trouwde met Berend ‘Berend’ Hendriks, zoon van Wouter Hendriks en Maria Berendina Wullings, op 26 juli 1848 in Arnhem, Gelderland, Nederland. Hij werd geboren op 14 augustus 1823 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 19 juli 1898 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 74 jaar-jarige leeftijd.

      Kinderen van Rosalie Anastasie Joseph ‘Rosalie’ Gribnau en Berend ‘Berend’ Hendriks:

      1. François Bernard George Gribnau (1837)
      2. Maria Berendina Anastasia Hendriks (18491906)
      3. Berend ‘Berend’ Hendriks (18531861)
      4. Rosalie Hendriks (18561909)
      5. Johannes Wilhelmus Daniel Hendriks (1858)
    2. Anna Catharina ‘Anna’ Gribnau, naaister, dochter van George Gribnau en Marie Anastasie Nisol, werd geboren op 7 februari 1823 in Rameignies, Hainaut, België en overleed op 10 januari 1880 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 56 jaar-jarige leeftijd. Zij trouwde met Evert ‘Evert’ Jansen, zoon van Lambertus Jansen en Catharina Jansen, op 21 oktober 1846 in Arnhem, Gelderland, Nederland. Hij werd geboren in 1823 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 14 januari 1887 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 64 jaar-jarige leeftijd.

      Kinderen van Anna Catharina ‘Anna’ Gribnau en Evert ‘Evert’ Jansen:

      1. Lambertus Evert Jansen (18451853)
      2. Johannes Jansen (18471906)
      3. Willem Jansen (18501913)
      4. Everhardus Jansen (18541931)
      5. Lambertus Jansen (18571914)
      6. Evert Jansen (18611931)
      7. Hendrikus Gerardus Jansen (1862)
      8. Hendricus Jansen (18651936)
    3. Joannes ‘Jan’ Gribnau

      Joannes ‘Jan’ Gribnau, kleermaker, zoon van George Gribnau en Marie Anastasie Nisol, werd geboren op 27 november 1827 in Zutphen, Gelderland, Nederland en overleed op 26 januari 1881 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 53 jaar-jarige leeftijd. Hij trouwde met Cornelia Martens, dochter van Hendrikus Martens en Catharina Johanna Hendriks, op 21 september 1853 in Arnhem, Gelderland, Nederland. Zij werd geboren op 23 augustus 1831 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 15 april 1926 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 94 jaar-jarige leeftijd.

      Kinderen van Joannes ‘Jan’ Gribnau en Cornelia Martens:

      1. Hendrica Gribnau (18541858)
      2. Eugenie Anastasia Nisolle ‘Eus’ Gribnau (18561928)
      3. Wilhelmus Johannes George ‘Willem’ Gribnau (18591929)
      4. Gesina Catharina ‘Sientje’ Gribnau (18611946)
      5. Karel ‘Karel’ Gribnau (18641951)
      6. Catharina ‘Kaatje’ Gribnau (18661929)
      7. Frederik Johannes Gribnau (18691870)
      8. Johannes ‘Jan’ Gribnau (18711916)
  3. Generatie 3
    1. Rosalie Hendriks, dienstbode, dochter van Berend ‘Berend’ Hendriks en Rosalie Anastasie Joseph ‘Rosalie’ Gribnau, werd geboren op 12 maart 1856 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 15 mei 1909 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 53 jaar-jarige leeftijd. Zij trouwde met Everhardus Frederikus Rietbergen op 29 augustus 1877 in Arnhem, Gelderland, Nederland.

    2. Johannes Jansen, timmerman, zoon van Evert ‘Evert’ Jansen en Anna Catharina ‘Anna’ Gribnau, werd geboren op 18 april 1847 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 2 augustus 1906 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 59 jaar-jarige leeftijd. Hij trouwde met Roelofje Bodt, dochter van Evert Bodt en Johanna Harmina Teunissen, op 28 april 1875 in Arnhem, Gelderland, Nederland. Zij werd geboren op 12 maart 1849 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 1 januari 1937 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 87 jaar-jarige leeftijd.

    3. Willem Jansen, zoon van Evert ‘Evert’ Jansen en Anna Catharina ‘Anna’ Gribnau, werd geboren op 5 september 1850 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 15 december 1913 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 63 jaar-jarige leeftijd. Hij trouwde met Alberdina Hendrica van Kempen op 18 augustus 1875 in Arnhem, Gelderland, Nederland. Zij werd geboren op 22 maart 1846 in Herwen, Gelderland, Nederland.

    4. Everhardus Jansen, timmerman, zoon van Evert ‘Evert’ Jansen en Anna Catharina ‘Anna’ Gribnau, werd geboren op 19 juni 1854 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 27 januari 1931 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 76 jaar-jarige leeftijd. Hij trouwde met Maria Johanna Brouwer op 26 september 1877 in Arnhem, Gelderland, Nederland. Zij werd geboren op 17 december 1849 in Arnhem, Gelderland, Nederland.

    5. Lambertus Jansen, smid en later zetkastelein, zoon van Evert ‘Evert’ Jansen en Anna Catharina ‘Anna’ Gribnau, werd geboren op 13 juni 1857 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 14 juni 1914 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 57 jaar-jarige leeftijd. Hij trouwde met Johanna Christina Portheine op 4 augustus 1881 in Arnhem, Gelderland, Nederland. Zij werd geboren in 1854 in Nordhorn, Nordrhein-Westfalen, Duitsland.

    6. Evert Jansen, timmerman, zoon van Evert ‘Evert’ Jansen en Anna Catharina ‘Anna’ Gribnau, werd geboren op 25 maart 1861 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 27 januari 1931 in Venray, Limburg, Nederland op 69 jaar-jarige leeftijd. Hij trouwde met Femia Aleida Leuink op 8 augustus 1888 in Arnhem, Gelderland, Nederland. Zij werd geboren in 1862 in Hardenberg, Overijssel, Nederland en overleed op 2 april 1936 op 74 jaar-jarige leeftijd.

      Kinderen van Evert Jansen en Femia Aleida Leuink:

      1. Everardus Gradus Jansen (18891923)
      2. Gerardus Hermanus Jansen (18901941)
      3. Wilhelmus Lambertus Jansen (1892)
      4. Johannes Hendrikus Jansen (18951951)
      5. Anna Helena Catharina Jansen (1897)
      6. Femia Aleida Wilhelmina Jansen (1900)
      7. Lambertus Jansen (19051962)
      8. Johannes Hendricus Jansen
    7. Hendrikus Gerardus Jansen, zoon van Evert ‘Evert’ Jansen en Anna Catharina ‘Anna’ Gribnau, werd geboren op 1 februari 1862 in Arnhem, Gelderland, Nederland.

    8. Hendricus Jansen, korporaal bij torpedisten, zoon van Evert ‘Evert’ Jansen en Anna Catharina ‘Anna’ Gribnau, werd geboren op 12 maart 1865 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 9 december 1936 in Rotterdam, Zuid-Holland, Nederland op 71 jaar-jarige leeftijd. Hij trouwde met Frederica Alberdina Abbenhuis, dochter van Theodorus Abbenhuis en Maria Hermsen, op 28 juni 1888 in Brielle, Zuid-Holland, Nederland. Zij werd geboren op 1 februari 1862 in Rheden, Gelderland, Nederland en overleed op 30 november 1894 in Brielle, Zuid-Holland, Nederland op 32 jaar-jarige leeftijd.

    9. Wilhelmus Johannes George ‘Willem’ Gribnau

      Wilhelmus Johannes George ‘Willem’ Gribnau, timmerman, Aannemer, zoon van Joannes ‘Jan’ Gribnau en Cornelia Martens, werd geboren op 10 januari 1859 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 11 februari 1929 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 70 jaar-jarige leeftijd. Hij trouwde 2 keer. De eerste keer trouwde hij met Hendrica Lucia ‘Luukje’ Stoffels, dochter van Bernardus Stoffels en Lucia Theodora Pruijn, op 22 oktober 1884 in Arnhem, Gelderland, Nederland. Zij werd geboren op 7 november 1859 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 12 februari 1896 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 36 jaar-jarige leeftijd. De tweede keer trouwde hij met Carolina Maria Elisabeth Hoekert, dochter van Harmannus Hoekert en Sophia Elisabeth Gravelotte, op 26 oktober 1898 in Arnhem, Gelderland, Nederland. Zij werd geboren op 21 september 1862 in Hengelo, Overijssel, Nederland en overleed op 21 mei 1950 op 87 jaar-jarige leeftijd.

      Kinderen van Wilhelmus Johannes George ‘Willem’ Gribnau en Hendrica Lucia ‘Luukje’ Stoffels:

      1. Johannes Wilhelmus Hendrikus Gribnau (18881970)
      2. Lucia Josepha Maria ‘Lucie’ Gribnau (18901958)
      3. Cornelia Lutgarda Josephina Gribnau (18921972)
      4. Bernardus Martinus Joseph ‘Ber’ Gribnau (18941990)

      Kinderen van Wilhelmus Johannes George ‘Willem’ Gribnau en Carolina Maria Elisabeth Hoekert:

      1. Johanna Petronella Paulina Gribnau (19001990)
    10. Karel ‘Karel’ Gribnau

      Karel ‘Karel’ Gribnau, timmerman, Meubelmaker, zoon van Joannes ‘Jan’ Gribnau en Cornelia Martens, werd geboren op 21 februari 1864 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 9 februari 1951 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 86 jaar-jarige leeftijd. Hij trouwde met Johanna Antonia ‘Anna’ Hesseling, dochter van Johannes Hesseling en Elisabeth Vos, op 9 augustus 1893 in Arnhem, Gelderland, Nederland. Zij werd geboren op 22 november 1865 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 25 juni 1936 in Arnhem, Gelderland, Nederland op 70 jaar-jarige leeftijd.

    11. Johannes ‘Jan’ Gribnau

      Johannes ‘Jan’ Gribnau, meubelmaker, schrijnwerker, zoon van Joannes ‘Jan’ Gribnau en Cornelia Martens, werd geboren op 3 augustus 1871 in Arnhem, Gelderland, Nederland en overleed op 27 januari 1916 in 's-Gravenhage, Zuid-Holland, Nederland op 44 jaar-jarige leeftijd. Hij trouwde met Johanna Adriana Maria ‘Ans’ Boogmans, dochter van Antonius Theodorus Johannes ‘Anton’ Boogmans en Johanna Helena Pieternella ‘Ans’ Mesker, op 26 juli 1899 in 's-Gravenhage, Zuid-Holland, Nederland. Zij werd geboren op 2 oktober 1875 in 's-Gravenhage, Zuid-Holland, Nederland en overleed op 20 mei 1916 in 's-Gravenhage, Zuid-Holland, Nederland op 40 jaar-jarige leeftijd.

      Kinderen van Johannes ‘Jan’ Gribnau en Johanna Adriana Maria ‘Ans’ Boogmans:

      1. Johannes Antonius ‘Jo’ Gribnau (19001920)
      2. Antonius Johannes ‘Anton’ Gribnau (19051977)
      3. Eugenie Anastasia Nisolle ‘Eus’ Gribnou (19081986)